zaterdag 25 september 2010

Dasshou

(Dit artikel verscheen eerder in de Amsterdam Post. Voor reacties daarop zie Dasshou (1) en Dasshou (2)

Voorwoord door D. G. Neree:

De wereld maakt sinds de tweede helft van de vorige eeuw in een informatie-explosie mee en ook een ongekende mobiliteitstoename. Telefoon, radio, televisie en als klap op de vuurpijl het internet. De wereld is een stad geworden, maar met heel veel verschillende wijken. de toegang tot die verschillende culturen heeft zijn grote invloed gehad op de ontwikkelingen in de onze, de westerse. De eersten die deze invloeden in zich opnemen ziijn de jongeren, zodat dat we sinds halverwege de vorige eeuw spreken van jeugdculturen.

De vijftiger jaren werden op muziek en modegebied beheerst door Amerika, in de jaren zestig en zeventig was de oosterse cultuur populair, met name India en in de jaren negentig begon er een een langzame wisselwerking tussen de (Britse) pop- en modescene en de Japanse, vooralsnog vooral één kant op: muziek en mode uit het westen vonden onder de Japanse jeugd veel aftrek, waarna sinds kort de beïnvloeding weer de andere kant opgaat.

De jeugd komt de laatste tijd slecht in het nieuws. Agressie op scholen, te vroege sex, comazuipen... Hoewel de veranderende tijden veranderende gevaren met zich meebrengen, is mijn beeld daarover helemaal niet zo eenduidig. Jongeren hebben altijd met drank en sex geëxperimenteerd. Wat ik ervan heb meegekregen is, dat verschillende groepen jongere verschillende stijlen scheppen en aanhangen en dat hun leven heel wat rijker is dan de kranten en de christenen en de linkse fatsoensrakkers de mensen voorspiegelen. Ik had daarom het idee om een artikel te schrijven over de fascinatie voor japan onder jongeren (ik haat dit soort typeringen altijd), maar het probleem was, dat ik er helemaal niets vanaf weet. De eerste die in me opkwam om te vragen was MDV, iemand die ik ken als een japanofiel, en die bovendien een goede pen voert. Op mijn vraag reageerde hij enthousiast en het resultaat is onderstaand artikel over de Japanse invloed onder jongeren. Ik wil dus verder zwijgen over dit onderwerp, dat voor de meeste ouderen (nog) niet zo bekend is en geef het woord aan MDV.


Dasshou *)

Ik kan een artikel schrijven waarin ik mijn meningen over de politiek verkondig. Ik kan ook een artikel schrijven waarin ik mijn opinie geef over bepaalde opvattingen van bepaalde mensen. Het kan, ik ben het alleen niet van plan. De kans is groot dat u als lezer van dit blog mijn mening over het onderwerp deelt, bovendien zou u deze mening waarschijnlijk zelfs beter kunnen formuleren dan ik. Ik ga het dus over iets anders hebben.

Veel van mijn leeftijdsgenoten hebben een fascinatie voor Japan, en dan vooral de populaire cultuur van het moderne Japan. Hoe ik de leden van deze jongerenstroming moet noemen weet ik niet zeker. Het feit dat de stroming raakvlakken heeft met emo-, hipster- en geekcultuur helpt daar ook niet echt bij. We worden wel eens ‘weaboos’ genoemd, of ‘wapanese’. Deze termen hebben echter een vrij negatieve bijklank, ik gebruik ze liever niet. Een andere benaming is ‘Otaku’, de Japanse term voor mensen met obsessies. Hoewel het in Japan geen compliment is om voor otaku uitgemaakt te worden, is het in Nederland nog geen scheldwoord. Omdat het de minst slechte term is zal ik in dit artikel de term otaku gebruiken.
Om even wat misverstanden uit de wereld te helpen; otakucultuur is geen pro-Japanse politieke cultuur. Er zullen vast een paar idioten tussen zitten, maar we zijn geen typetjes die de Japanse keizer als god aanbidden en kamikazepiloten bewonderen. We houden ons bezig met mode, muziek, film en moderne grafische literatuur. Otakucultuur is een cultuur van escapisme, geen geëngegeerde stroming. Dat Japan niet het paradijs is en het land een hoop narigheid op het geweten heeft weten wij ook wel, dat is ook helemaal niet waar het ons om gaat. Waar het ons wel om gaat verschilt trouwens per persoon, dit zijn in ieder geval de dingen die ons interesseren.

Mode

Tokio is de modehoofdstad van de wereld. In Parijs wordt je tegenwoordig bespuugd en uitgescholden als je een rokje draagt, in Milaan en New York wordt vooral veel geld verdiend aan dure internationale merken waarvoor veel reclame wordt gemaakt. In Tokyo heb je het district Harajuku, waar mode iets van de straat is, iets waarmee tienermeisjes hun creativiteit uiten.



De aparte kledingstijlen die je in Harajuku ziet zijn ontstaan als een soort vorm van protest tegen de extreem geuniformeerde en expressie verbiedende Japanse maatschappij. In Japan gaat men naar school en werkt met in saaie uniformen. Vandaar het uitbundige. Iedere zondag vinden er in Harajuku ontmoetingen plaats van bijzonder geklede meisjes, om gezien en bewonderd te worden. Deze ontmoetingen vinden trouwens ook in andere delen van Japan plaats. Buiten Japan zelfs. In Bogotá (Colombia) gebeurt het ook. In Nederland is de harajukustijl nog niet populair genoeg om echt op te vallen, maar de ontmoetingen vinden wel plaats en wellicht word het ooit nog iets groots. De stijl van harajukumeisjes is vaak geïnspireerd door rockmuzikanten uit de visual-kei scene, of er is sprake van cosplay (een begrip waar ik later op terug kom).

De visual-kei scene is een Japanse rockstroming die ergens begin jaren 80 op kwam (maar pas echt groot werd in de jaren 90). Meer dan een muzikale stroming was en is visual-kei een stylistische stroming. Je hebt visual-kei bands die brute metal spelen, ze zitten er ook tussen die radiovriendelijke electropopmuziek maken. Wat alle visual-kei bands gemeen hebben is de extravagante en vaak androgyne manier waarop ze zich presenteren. Inspiraties voor de visual-kei uit het westen waaren onder anderen David Bowie en bands uit de glamrock, new-wave en gothic scenes. De androgyne kledingstijl word ook wel eens in verband gebracht met de Japanse traditie van kabukitheater. De stijl is romantisch, mooi, over-de-top en zoals de titel al benoemt erg visueel. Een soort ultime anti-grunge dus, al zijn er wel visual-kei bands die grungeinvloeden in hun muziek verwerken.
Visual Kei begon (voor het grote publiek) met de band X Japan. De speedmetalband die Japan kennis deed maken met sex, drugs & rock ’n roll.



X Japan maakte met hun presentatie, hun emotionele teksten en hun gewoonte om overal waar ze kwamen feest en herrie te schoppen een statement tegen de starheid en gevoelloosheid van de Japanse maatschappij. Rond het begin jaren negentig kwam Yoshiki Hayashi, destijds een heus sekssymbool in Japan, bijna geen hotel meer in vanwege zijn terechte destructieve reputatie. ABC News noemde X Japan onlangs ‘groter dan de Beatles, de Stones en Bruce Springsteen bij elkaar’, deze uitspraak is wat overdreven maar beschrijft de populariteit die de band in hun thuisland geniet wel aardig. Als u als lezer geïnteresseerd bent in deze band raad ik het album Blue Blood aan.
Een andere invloedrijke visual kei band was Malice Mizer.



Malice Mizer had een veel mysterieuzer en serieuzer imago dan het rellende X Japan. De uiterlijke presentatie van Malice Mizer was veel extremer, dieper, fantastischer en sterker beïnvloed door klassieke muziek en romantisch beeld van Europese aristocratie. Ik ben persoonlijk helemaal geen fan van Malice Mizer. Ik vind echter dat ik dit artikel niet kan schrijven zonder de invloed van mana als modeontwerper te noemen. De bandleden van Malice Mizer waren de eerste etalagepoppen van de zogeheten ‘lolita-mode’ die sterk vertegenwoordigd is op Harajuku en daarbuiten. Veel liever dan de naar mijn mening niet zo boeiende muziek van Malice Mizer laat ik dus iets zien van wat de heren op modieus gebied gepresteerd hebben. Het is niet het beste of mooiste voorbeeld. Maar deze modeshow laat zien wat de lolitastijl inhoudt en bewijst misschien ook een beetje dat wat ik nu allemaal schrijf ook echt buiten mijn hoofd bestaat.



Muziek

Verschillende Otaku (ik blijf het toch geen prettig woord vinden) hebben verschillende smaken. Er zijn er genoeg Japan-enthousiastelingen die het maar raar vinden dat Nederlanders naar Japans(talig)e muziek luisteren. Ik hoor zeker niet bij die groep en luister graag naar J-rock. Wat is J-rock precies? Eigenlijk een vrij betekenisloze verzamelnaam voor alle Japanse rockmuziek met al haar stijlen. Maar toch, het is de benaming die men gebruikt bij gebrek aan beter. Een complete geschiedenis van de Japanse rockmuziek kan ik niet vertellen, daarvoor heb ik simpelweg niet genoeg kennis. Kenmerkend voor Japanse rock is wel dat de bassist vaak een meer melodische en vooraanstaande rol heeft dan gebruikelijk. Misschien is het beter om een paar voorbeekden te geven.

Wat is de aantrekkingskracht van deze artiesten? De ontdekking is in ieder geval een belangrijke factor. Toen ik begon met luisteren naar J-pop en J-rock was ik vooral de meuk die je op de Nederlandse radio hoort gewend. Een doorgewinterde popmuziekliefhebber zal vast en zeker met recht zeggen dat die Japanse muziek niet zo bijzonder is, maar zal zelf stiekem ook terugdenken aan zijn/haar eerste kennismaking met 'betere' muziek.
In mijn ogen nog veel belangrijke aantrekkingskrachten zijn de fascinatie met het vreemde en de bewondering van het afstandelijke. Dat ik niet veel van de Japanse taal versta vormt voor mij helemaal geen probleem. Ik vind het een mooie taal om in te zingen. Zeker in muziek klinkt het als een fantasietaal, een verzameling woorden die ik als kind zou kunnen hebben bedacht als kind om dingen in een niet-bestaande wereld te benoemen. Ik kan niet voor anderen spreken, maar het is iets dat de Japanse muziek voor mij aantrekkelijk maakt, ik hou van die taal.
Iets anders dat belangrijk is, is de obsessie met de verre en onbereikbare popster. Ik ben zelf tijden een enorme fan geweest van YUI. Over YUI las ik niets in de bladen, op TV zag ik haar nooit, alles wat ik over haar wist kwam uit vertaalde bronnen. Ik had alleen haar muziek, en vooral het imaginaire beeld wat ik van haar had. Haar muziek hielp me, inspireerde me. YUI is geen stem van een generatie, niet iemand waar iedereen een mening over had. YUI was iemand die dingen een betekenis voor me gaf, die mijn kijk op het leven veranderde. Ja, YUI was belangrijk voor me. Juist omdat er zoveel afstand was door de taal, en haar anonimiteit hier. Juist daardoor heb ik haar zoveel kunnen bewonderen. Dit is een persoonlijk verhaal, maar het is wel vrij tekenend. Dat de afstand met Japanse popsterren nog zoveel groter is dan die met Europese en Amerikaanse popsterren geeft meer ruime aan de fantasie, en minder ruimte aan aantasting van dit heldenbeeld. Muziekotaku zijn vaak enorme fans, ik hoop dat ik een beetje duidelijk heb kunnen maken wat daar achter zit.

YUI

Terug naar een term die ik eerder noemde, cosplay. Cosplay houdt in dat je je verkleedt als een visual-kei artiest, of een personage uit een anime- of mangaserie. Cosplayers nemen hun hobby zeer serieus, er valt onder otakukringen zelfs enige beroemdheid te winnen als je goed kan cosplayen. Aan de andere kant is cosplay ook vaak iets van geitende kerels die het maar al te lollig vinden om zich in een jurkje te hijsen en andere cosplayers uit te lachen.
Hier laat ik het voor vandaag bij, morgen zal ik dieper ingaan op oa de begrippen ‘anime’ en ‘manga’, voor het merendeel van de Japanofielen hier in Europa toch het zwaartepunt van hun obsessie. Ik vertel graag over dit onderwerp, dus vraag maar raak als er punten zijn waar u als lezer meer over zou willen horen!


Anime & Manga

Anime en manga zijn voor velen het zwaartepunt van hun Japanofilie. Anime is de Japanse benaming voor tekenfilms, manga is de Japanse benaming voor stripboeken. De Japanse markt voor deze vormen van kunst, of vermaak (noem het hoe je het zelf noemen wilt) is enorm. Precieze cijfers kan ik niet geven, maar geloof me, er is een heel groot aanbod. Wat is precies de aantrekkingskracht van anime? Wederom een lastige vraag omdat er niet echt een universeel antwoord op is. De ene zou zeggen dat het vooral de tekenstijl is, een stijl waarin otaku hun schoonheidsidealen herkennen. Een ander zou misschien zeggen dat het ligt aan de verhalende en episodische stijl van anime, in tegenstelling tot de wel erg op slapstick leunende Amerikaanse en overdreven diepzinnige Europese tekenfilms. Een vaak gehoorde beschuldiging is dat animeseries niet deugen omdat ze alleen maar over seks en geweld gaat en geen inhoud hebben. De fout die hier gemaakt wordt is dat er in de geweldadige series meestal geen seks zit en de series met inhoud weer anderen zijn dan de series met seks. Omdat ik niet bijzonder veel verstand heb van kwaliteitsanime zal ik niet doen alsof ik dat wel heb en geïnteresseerden hiernaartoe doorsturen.

Er bestaat een beeld dat het door volwassenen liefhebben van Anime en Manga in Japan de normaalste zaak van de wereld is, dit beeld klopt helaas niet. Zoals ik eerder al zei is otaku in Japan nagenoeg een scheldwoord, anime is eigenlijk een hobby voor hopeloze losers die volgens het vooroordeel allemaal antisociale werkloze nietsnutten zijn. Het enige land dat ik kan bedenken waar deze media wel gerespecteerd en door jong en oud gewaardeerd worden is Frankrijk.

Pornografie

Zij die problemen hebben met seksuele abnormaliteit kunnen nu beter stoppen met lezen, ik ga het namelijk over pornografische manga hebben. De meest gebruikte naam voor animeporno in het westen is ‘hentai’, een Japans woord dat te vertalen is als ‘vreemd’, ‘fout’ of ‘abnormaal’. In Japan is de term ‘ero’ echter de meest gebruikte term. Er zijn veel vormen en gradaties van hentai. Hentai varieert van vrij onschuldige ‘H’, dat niet-naakte vrouwen op een opwindende wijze afbeeld, tot bloederige ‘guro’ waar alleen de meest gekronkelde necrofielen niet van naar de WC rennen om hun ontbijt cadeau te doen aan het riool. Ook is er een groot aanbod aan homoseksuele hentai waar ik straks op terug kom.



Wat is nou precies de aantrekkingskracht van mangatekeningen? Nou simpel. “Echte vrouwen zijn lelijk en bovendien alleen berust op geld. Waarom zou je je aandacht verspillen aan gore feministische honden de je niet eens als menselijk zien en je leven vergallen in ruil voor een paar wipbeurten? Ik zou het niet weten. Tekeningen zijn veel beter. Getekende vrouwen bedriegen je niet, gehoorzamen je altijd, laten je niet in de steek en zijn bovendien veel aantrekkelijker dan echte vrouwen”. Mijn mening is het zeker niet, een antwoord dat een fanatieke hentai-liefhebber je zal geven is het absoluut. Het is een extreem voorbeeld, maar het illustreert de grote overeenkomst van eigenlijk alle otaku, teleurstelling in de werkelijkheid die gecompenseerd wordt door een ideale en totaal onrealistische fantasie. Dit wil overigens niet zeggen dat alle hentailiefhebbers fanatieke vrouwenhaters met een sterke afkeer tegen de werkelijkheid zijn, ik durf te wedden dat eromanga de geheime hobby is van een aardig aantal mensen dat er op het eerste gezicht vrij normaal uitziet.

Een ander aspect dat velen aantrekkelijk zullen vinden aan hentai is het Japans schoonheidsideaal. In Japanse pornografie (niet uitsluitend in hentai dus) zie je vaak dat vrouwen met een schattige en onschuldige verschijning toch vaak naar voren worden geschoven als de meest aantrekkelijke. In tegenstelling tot het modern westers schoonheidsideaal dat juist waarde hecht aan ondeugd en volwassenheid. Wellicht heeft het iets te maken met het feminisme dat in Japan nooit echt stevig voet aan de grond heeft kunnen krijgen in Japan. Het mannelijk schoonheidsideaal in Oost-Azië wijkt ook af van het beeld van mannelijke schoonheid dat we hier hebben. Geen gespierde dominante lomperikken, maar stijlvolle androgyne ‘mietjes’ zoals je ze bijna zou noemen zijn in Japan typische aantrekkelijke mannen. Het overnemen van deze schoonheidsidealen is kenmerkend voor veel otaku hier in ’t westen.

De nadruk op onschuld bij vrouwelijke schoonheid heeft wellicht aan de wieg gelegen van het beruchte genre ‘lolicon’. In lolicon worden minderjarige meisjes in pornografische context getekend. Unicef probeert al jaren de stijl te verbieden omdat het kindermisbruik zou zijn, ook is het in Australië en Engeland verboden om lolicon op je harde schijf te hebben. Hoewel pedofilie natuurlijk niets is om aan te moedigen vind ik het persoonlijk verkeerd om mensen te verbieden lolicon te tekenen of te bezitten. Ik ben voor vrijheid van expressie en vind zulke tekeningen even strafwaardig als tekeningen van Mohammed. Totaal niet, niemand wordt er slechter van en belediging zit in de oog van de kijker.

Iets dat opvalt aan Japanse pornografie is de vrij bizarre censuur van geslachtsorganen. Dit is bij wet verplicht. De wet is ergens ver voor de oorlog ingevoerd. Waarom niemand de wet afschaft? Politici die hun carrière niet op het spel willen zetten. Wie pleit voor het afschaffen van de wet geeft min of meer toe een smeerlap te zijn die graag naar porno kijkt en zich stoort aan de vage blokjes in beeld, wat natuurlijk niet kan als respectabel staatsman! Een film maken waarin het gezicht van een vrouw zo’n beetje geheel in sperma wordt bedekt moet kunnen, maar maak alstublieft wazige blokjes van de piemeltjes! Recht is iets moois.

Homofilie in Anime & Manga

De Griekse liefde is een populair thema in manga en anime, vooral bij het vrouwelijk publiek. Deze zogeheten ‘yaoi’ of ‘boys love’ manga gaan over homoseksuele relaties tussen mooie androgyne jonge mannen. Het is vrij normaal voor tienermeisjes die in het animewereldje zitten om van yaoi te houden. Hoewel yaoi gaat over homoseksuele mannen wordt het nauwelijks door homo’s gelezen. Dit ligt er waarschijnlijk aan dat yaoi manga eigenlijk altijd door vrouwen geschreven wordt met een vrouwelijk publiek voor ogen. Het enige mannelijke aan yaoi-karakters is tot op zekere hoogte hun lichaam. Ook speelt het ‘homo zijn’ nauwelijks in een rol in yaoi, de relatie tussen twee mannen wordt eerder uitgelegd als ‘liefde overwint alles’. Een ander homo-manga genre is ‘bara.’ In tegenstelling tot yaoi wordt bara wel door en voor mannen geschreven. Mannen in bara-manga identificeren zichzelf wel als homofiel en worden vaak een stuk realistischer getekend dan in yaoi. Dan is er ook nog ‘yuri’ of ‘girls love’, de lesbische tegenhanger van yaoi en bara. Net als bij boys love bestaat er zowel pornografische yuri als yuri die het vooral van het verhaal moet hebben. Ik heb zelf vooral iets met die tweede categorie. Een yuriserie die mij erg aanspreekt is ‘Gril Friends’, een autobiografisch verhaal over twee schoolmeisjes die op elkaar verliefd worden en er alles aan doen om het van elkaar te verbergen. Dat ik graag romantische verhalen over lesbiennes lees en bekijk heeft er misschien wel mee te maken dat mezelf er door het ontbreken van een mannelijk karakter niet op een negatieve wijze in kan herkennen. Dat is waarschijnlijk de grote aantrekkingskracht van homo-manga in het algemeen.

Visuele Novelles

Een modern Japans medium dat ik persoonlijk hoger aansla dan anime en manga is de visuele novelle, een moderne vorm van literatuur die af te spelen is om computers en gameconsoles. Een visuele novelle is een soort keuzeverhaal met beeld en geluid. Je komt als speler/lezer in een situatie terecht, en de keuzes die je maakt bepalen de richting van het verhaal. Hoewel er bij nagenoeg iedere scene beelden en achtergrondmuziek aanwezig zijn ligt de nadruk op de tekst, die meestal ook ingesproken is. Het medium wordt helaas vooral gebruikt voor eenvoudige slechte verhaaltjes die het vooral van de seksuele prikkeling moeten hebben. Gelukkig bestaan er ook meer verhalende visuele novelles met een goed verhaal en zonder gebrek aan diepgang.



Een van die visuele novelles is Fate/Stay Night. Fate/Stay Night vertelt het verhaal van Emiya Shirou, een jongen die als enige een ramp die een halve stad verwoesste heeft overleefd en verwikkeld raakt in een bizarre ‘oorlog om de heilige graal’. Het is een verhaal dat in drie delen wordt verteld; in de eerste maak je kennis met de wereld waarin Fate/Stay night zich afspeelt, in de tweede wordt je aangezet tot nadenken over het verhaal, wat het derde deel doet zal ik niet zeggen, dan verklap ik al te veel. Hoewel de vertaling vanuit het Japans naar het Engels hier en daar te kort schiet is Fate/Stay Night een prachtig modern epos over de innerlijke strijd tussen idealisme en cynisme in de mens. Je bent er niet ‘zo doorheen’ maar het is het lezen zeker waard. Maar helaas, zo veel visuele novelles zijn er niet, lang niet alle visuele novelles zijn goed, en het merendeel van de weinigen die naar het Engels vertaald zijn werkt niet goed. Wat mij betreft mag dit medium daarom het liefst gisteren geïmporteerd naar Europa worden.

Japanofilie?

Tijdens het schrijven van dit artikel kwam de vraag bij me opborrelen of ik wel echt iets aan het schrijven was over Japanofilie. Ik begon tenslotte over een modebeweging die protesteert tegen de uniformiteit van de Japanse maatschappij, om vervolgens te spreken over een rockband die ageerde tegen het Japanse taboe op emotie, daarna ging ik verder over een hobby waar in Japan eigenlijk op neer gekeken wordt en bekritiseerde ik Japanse wetten. Ik ben eigenlijk helemaal geen Japanofiel als daarmee bedoeld wordt dat ik alles dat Japans is liefheb. Otaku die wel pretenderen vooral van Japan houden moeten naar mijn mening ook toegeven dat ze eerder houden van dingen die toevallig uit Japan komen. Natuurlijk is Japan een mooi en interresant land met veel geschiedenis, maar obsessieve liefde voor welk land dan ook is iets voor nazi’s en slecht geïnformeerde mensen.

De rode draad door dit artikel is dan ook niet Japan, maar de drang van ‘otaku’ om op allerlei manieren aan de werkelijkheid te ontsnappen. Dat de middelen die hiervoor gebruikt worden vooral Japans zijn zegt slechts iets over hoe men op die drang inspeelt. Let wel: dit is mijn persoonlijke mening. De meeste mensen die iets over dit onderwerp vertellen zullen wel van mening zijn dat de obsessie door Japanse popcultuur onder jongeren in ’t westen een vorm van Japanofilie is. Wat doen jullie lezers met deze cultuur die ik jullie heb voorgeschoteld? Spuug het uit, spoel het snel weg met water, gooi het terug in de pan, schuif het naast je bord, doe wat u er mee doen wilt. Maar mensen, proef er vooral van!

MDV

*) Ontsnapping

Geen opmerkingen:

Een reactie plaatsen